11 dec

  • By Redactie Toekomst en Talent
  • In Overig
  • Commentaar Off

De Open Club

Het verengingsmodel ligt de laatste jaren onder een vergrootglas. Wat is de toekomst van een sportclub en hoe toekomstbestendig is de huidige vorm. Moeten clubs zich meer op de markt richten of beter gaan luisteren naar de leden. Berend Rubingh heeft middels twee tekenfilms heel goed inzichtelijk weten te maken voor welke wezenlijke vraagstukken sportclubs staan en hoe ze daar het beste vorm aan kunnen geven. Ook hij is de laatste jaren al lerende tot inzicht gekomen dat marktgericht denken een brug te ver is en dat besturen vooral het DNA van de club kennen, vanuit structuur dienen te opererend en vooral aandacht moeten hebben voor de cultuur binnen de club. Dit laatste onderdeel is vaak onderbelicht terwijl daar juist het grootste verschil gemaakt kan worden.

De NOC*NSF gelooft in een “Open Club” gedachte hetgeen betekent dat bestuurders zich bewust zijn van de positie van de vereniging in de maatschappij. Een sportclub staat niet op zich zelf en moet voorkomen dat men naar binnen gaat keren. Zij adviseert bestuurders verder te kijken dan hun neus lang is en juist de verbinding te zoeken naar de directe omgeving van de club. Door het goede en mooie van de club uit te stralen naar de directe omgeving, kun je als bestuur er aan bijdragen mensen met sport in aanraking te laten komen en mensen langer aan de club te binden.

Wat betekent die Open Club

Maar wat betekent dan die Open Club gedachte? Want nu hebben bestuurders toch ook contact met gemeentes en andere diensten? Bij deze filosofie start met de aanwezigheid van een lange termijn visie. Het kloppend hart, dat bestaat uit het bestuur van de sportclub, aangevuld met commissies en actieve leden en betrokkenen. Het kloppend hart van een club is in staat om ambities te formuleren die aansluiten bij de cultuur, identiteit en sfeer van de club. Dus het gaat vooral om een open houding. Een goed fundament dat gedragen wordt door de leden is de basis om op voort te kunnen bouwen. En dan is het belangrijk dat de nieuwe keuzes in lijn liggen met deze uitgangspunten. Zo versterken ze elkaar.

Waaraan herken je een Open Club?

Waaraan herken je een Open Club? en vijftal houdingen, een aantal basale kenmerken, is te herkennen bij elke Open Club. In het kort: vraaggericht (speel in op de behoeftes), ondernemerszin (focus op initiëren van nieuwe initiatieven), uitnodigend (welkom voor leden en geïnteresseerden) en samenwerking (de oplossing van interne en externe vraagstukken zoeken in samenwerking en verbinding met derden). De houdingen worden telkens op alle drie de niveaus van de clubcontext toegepast: op de leden, op de betrokkenen en op de buurt.

De praktijk

De Rabobank heeft een nieuwe sponsorstrategie uitgewerkt. Zijn beroepen zich op de basis van de bank: de coöperatieve gedachte en midden in de samenleving staan. Zij geloven in de kracht van verenigingen voor de lokale gemeenschap en willen  meehelpen de verenigen te versterken. Zij zien de voordelen van de Open Club gedachte. Daarom zijn zij een partnership met onder andere het NOC*NSF aangegaan om verenigingen met kennis en kunde te gaan ondersteunen in plaats van louter een zak geld en een aantal uit te vragen tegenprestaties. Dit project wordt inmiddels door een groot deel van de regiokantoren omarmt en vorm gegeven.

Diverse verenigingen zijn met deze gedachte aan de slag gegaan, ieder weer op zijn eigen niveau met lokaal passende thema’s. Er is dus geen blauwdruk voor deze term. Het is niet een “one size fits all” principe. Kijk als verenging wat bij je past en aansluit op de ambities die de club met de leden heeft gedefinieerd.

Praktijkvoorbeelden: www.sport.nl/voorclubs