08 jun

  • By Redactie Toekomst en Talent
  • In Overig
  • Commentaar Off

Vanaf donderdag 8 juni is het basismodel om de ondersteuning en zorg voor kinderen met overgewicht en obesitas te organiseren, beschikbaar. Opstellers zijn de Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht en de collega’s uit (gemeente) ‘s-Hertogenbosch. Vanuit Amsterdam zijn de ervaringen met en inbreng van partners bij het implementeren van het Pact Gezond Gewicht in elf buurten in Amsterdam hiervoor benut. Kern van het model: elk kind dat te zwaar is, blijft (met de ouders) in beeld en krijgt de ondersteuning en zorg die nodig is. Bovendien kijkt de professional behalve naar leefstijl ook nadrukkelijk naar de omstandigheden waarin kind en gezin verkeren. Het basismodel is bedoeld als uitgangspunt voor andere gemeenten, om tot een eigen lokale invulling te komen. De komende anderhalf jaar wordt het model aan de hand van ervaringen in acht gemeenten (‘proeftuinen’) verder uitgewerkt.

In 2013 tekenden in Amsterdam ruim twintig (koepel)organisaties op het gebied van welzijn, sport, (jeugd)zorg en civil society het Pact Gezond Gewicht. Daarin staat de gezamenlijke visie op de ondersteuning van een kind met ongezond gewicht en de ouders. De samenwerkingsafspraken uit het Pact worden inmiddels in alle Amsterdamse focusbuurten van de AAGG toegepast in het lokale netwerk van preventie, ondersteuning en zorg.

Vraag om toelichting

Vanuit zowel partners uit Amsterdam als uit andere delen van Nederland kwam regelmatig de vraag om nadere toelichting. Om hieraan te voldoen is het basismodel ontwikkeld. Marianne van der Velde, projectleider proeftuin ketenaanpak van de AAGG: ”We hebben samen met onze partners heel veel geleerd in de afgelopen drieënhalf jaar. Ook bleek het goed om de nieuwe situatie na de invoering van de Jeugdwet te verwerken in het basismodel. Door de nauwe samenwerking de afgelopen anderhalf jaar met kinderarts Edgar van Mil uit het Jeroen Bosch Ziekenhuis en het team van de Proeftuin Ketenaanpak Overgewicht Kinderen uit ’s-Hertogenbosch kunnen we ook beter woorden geven aan de achterliggende visie en uitgangspunten, in de taal van nu. Het precies opschrijven was niet altijd makkelijk, wél heel leuk en inspirerend. We hopen dat het stuk dat nu ook gaat zijn voor anderen die (verder) aan de slag willen met de ketenaanpak.”

Acht gemeenten betrokken

Het ministerie van VWS wees de methode van Amsterdam en ’s-Hertogenbosch begin 2016 aan als ‘good practice’ en gaf een subsidie aan het project Care for Obesity van de VU, om de aanpak met in totaal acht gemeenten verder uit te werken en breed toepasbaar te maken. Dat zijn naast Amsterdam en ’s-Hertogenbosch: Almere, Arnhem, Maastricht, Oss, Smallingerland en Zaanstad. Marianne: ”De andere steden experimenteren met het model in andere omstandigheden, bijvoorbeeld in een kleine gemeente of met een andere samenstelling van het sociale wijkteam. Als projectleiders komen we maandelijks bij elkaar om onze ervaringen te delen en samen te leren. Die lessons learned verwerkt Care for Obesity eind volgend jaar in een verder uitgewerkte versie. Dat wordt een landelijk model dat ook beschrijft hoe gemeenten samen met hun partners met dit nieuwe model kunnen werken.”

E-book

Het basismodel en de toelichting over financiering kun je lezen als e-book, desgewenst printen en vooral ook delen met collega’s en samenwerkingspartners. ”Graag zelfs”, voegt Marianne toe, ”We zijn ook erg benieuwd naar feedback van onze Amsterdamse partners en de andere proeftuinen. De komende tijd willen we eraan bijdragen om het stuk zo verder te ontwikkelen dat het voor alle betrokken partners bruikbaar is om hun rol in de ketenaanpak voor kind en gezin excellent uit te voeren!”